Marc De Buck, gedeputeerde Annie Mervillie, gemeenteraadslid

Openvld

Contact:

Marc De Buck

Gouvernementstraat 1
9000 Gent

Tel.: 09 267 81 26
Fax: 09 267 82 93

Toespraken


Toespraak presentatie studie "Sociaal-Economische Situatieschets (24/04/10)
Dames en heren,

Ik denk te mogen stellen dat we, hoewel we misschien een zware boterham te verteren kregen, een interessante namiddag hebben gehad. Ieder van de sprekers heeft vanuit zijn eigen invalshoek een creatieve en verhelderende bijdrage gegeven op de huidige turbulente tijden, "Meten is weten". Dit is de uitvalshoek van onze "Studiedienst" van het Huis van de economie. Vanuit deze benadering hebben de sprekers ons, denk ik toch, een verhelderende kijk gegeven op de Oost-Vlaamse sociaal-economische situatie. Wie tijdelijk niet op een andere planeet was, weet dat we ons vanaf de zomer 2007, en vooral in 2008 in woelig vaarwater bevonden. 2009 was ook al een "annus horribilis", en alhoewel we nu begin 2010 blijkbaar wat rustigere wateren aan het opzoeken zijn, blijft de onzekerheid groot.

Sommigen verwachten een "double dip", een tweede recessie, vooral omwille van de situatie in de Zuid-Europese landen. Anderen denken dat we nu wel het ergste gehad hebben. Voor 2010 lopen de groeivoorspellingen voor het bruto binnenlands product (BBP) uiteen tussen 0,6% en 1,5%. Niet slecht, maar in 2008 bedroeg de groei slechts 0,8% en in 2009 ging het BBP achteruit met 3%. Zelfs met 1,5 % groei zitten we nog niet terug op het niveau van voor de recessie.

In vergelijking met het dieptepunt, genoteerd in maart 2009, evolueren in Oost-Vlaanderen de globale seizoengezuiverde conjunctuurcijfers in de goede richting. Blijkbaar heeft Oost-Vlaanderen de crisis beter opgevangen dan de andere Vlaamse provincies. In onze provincie is de tewerkstelling meer evenwichtig gespreid over de verschillende sectoren. Ook de Oost-Vlaamse industriële activiteitenpijlers, namelijk de bouw, de automotive en het staal, hielden beter stand dan in andere provincies. En de overheidsmaatregel voor de tijdelijke werkloosheid heeft in Oost-Vlaanderen een heilzaam effect gehad. Bedrijven als Volvo Cars, Volvo Trucks en ArcelorMittal lijken ondertussen al aan de beterhand. Maar laat ons vooral niet blind zijn voor onze zwaktes. Landen met een kleine, open economie, zoals België en zeker onze provincie Oost-Vlaanderen, ondervinden van deze crisis en van de globalisering meer negatieve impact op de tewerkstelling en op de economische groei. Omdat er verschillen zijn in de sectorale structuur van verschillende regio's zal ook de impact van de crisis verschillend zijn al naargelang de aanwezigheid en de belangrijkheid van conjunctuurgevoelige sectoren.

Ik hou er dan ook aan om onze studiedienst van het Huis van de economie nog eens te feliciteren met de studie over de schokbestendigheid van de Oost-Vlaamse economie die in december 2009 gepresenteerd werd. Daarin werden de sectoren die in onze provincie Oost-Vlaanderen enerzijds relatief sterk aanwezig zijn én die anderzijds sterk crisisgevoelig zijn onder de aandacht gebracht. In de Sociaal-Economische Situatieschets 2010 waaruit hier vandaag een aantal opmerkelijke punten naar voor werden gebracht worden de vijf meest conjunctuurgevoelige én voor Oost-Vlaanderen belangrijke sectoren onder de loepe genomen.

Dat van deze vijf sectoren, metaal, textiel, voeding, papier en bouw, hier vannamiddag deze laatste even in het bijzonder uitgediept werd mag niet verwonderen. De bouwsector, die in 2007, 7,8% van de in Oost-Vlaanderen gerealiseerde bruto toegevoegde waarde realiseerde en die qua tewerkstelling in 2007, 40.949 werkzame personen, dus zelfstandigen én werknemers telde is een sector die ons aller aandacht vereist. Gelukkig heeft de federale regering met haar tijdelijke BTW-verlaging de nodige maatregelen getroffen opdat deze sector als multiplicator bij uitstek zijn rol kan spelen om de economie terug aan te zwengelen.

Dames en heren,
Onze provincie is tot nog toe gespaard gebleven van echt grootschalige falingen of afslankingen. Het aantal faillissementen nam de voorbije jaren wel toe, tot duizend in 2009. De stijging ligt wel een stuk lager in Oost-Vlaanderen dan in heel Vlaanderen: + 17% tegenover + 24%. Er moet wel aangestipt worden dat de falingen slechts 13% van het aantal stopzettingen uitmaakt. De andere 87% zijn schrappingen omwille van overlijden van de zaakvoerder, pensionering, ziekte of zelfs omwille van gebrek aan opvolging. In verband met deze laatste oorzaak wil ik even aanstippen dat binnen onze provincie, via EROV, de Economische Raad voor Oost-Vlaanderen, het door de provincie Oost-Vlaanderen en de Europese Unie gesubsidieerde project BEBEO loopt. Dit project wil advies en begeleiding geven bij de overname van KMO's.

Een ander uitermate belangrijk aandachtspunt is de export. De uitvoer is van primordiaal belang voor Vlaanderen in het algemeen en Oost-Vlaanderen in het bijzonder. Dat is evengoed het geval voor de snelgroeiende economieën in Zuidoost-Azië die net als wij een exportcijfer per capita hebben dat tot de hoogste ter wereld behoort. Nochtans zouden de Oost-Vlaamse bedrijven, en specifiek de KMO's, zeker in tijden van economische crisis zich nog meer op de export moeten richten, en vooral ook op de groeimarkten, zoals de zogenaamde BRIC-landen in plaats van enkel op de buurlanden. Onze bedrijven moeten absoluut hun plaats verwerven in die groeilanden. Uit de meest recente beschikbare cijfers blijkt dat Oost-Vlaanderen met 20,5% van de toegevoegde waarde en 21,5% van de werkgelegenheid in Vlaanderen, slechts 13,8% vertegenwoordigt van de Vlaamse uitvoer. De exportquote is dan ook de laagste, op West-Vlaanderen na, van de Vlaamse provincies: 0,41 tegen 0,49 in het Vlaamse Gewest.

Dames en heren,
In deze turbulente tijden is het logisch dat u zich afvraagt wat de provincie doet of kan doen voor onze Oost-Vlaamse bedrijven en dat zeker in moeilijke economische tijden. Het provinciebestuur kan zowel op beleidsvlak als op financieel vlak weinig doen om bedrijven die tengevolge van de crisis personeel ontslaan of afdelingen sluiten rechtstreeks te ondersteunen. De provincie kan wel haar faciliterende en dienstverlenende rol via haar economische instellingen zo goed mogelijk blijven spelen bij de verdere ontplooiing van de Oost-Vlaamse bedrijven. Een intelligente overheid moet het kader bieden en de voorwaarden scheppen om te besparen, te investeren, te innoveren en te ondernemen, een noodzakelijke mix voor de toekomst.

De provincie blijft de nadruk leggen op innovatie, kenniseconomie en logistiek en voert via regiomarketing promotie voor Oost-Vlaanderen als vestigingsplaats voor hoogwaardige economische activiteiten. Het beleids-speerpunt "Oost-Vlaanderen: kennisregio" wordt trouwens het thema van het jaarlijks Economische Forum dat we eind juni, dinsdag 22 om precies te zijn, organiseren en waarop we u nu reeds van harte uitnodigen. U weet dat de provincie via de POM lid is van Gent Big in Creativity dat wij samen met de UGent en de Stad Gent hebben opgericht met als doel de uitzonderlijke kennistroeven waarover onze regio beschikt als hefboom te benutten voor het zelf genereren én het aantrekken van nieuwe economische activiteit.

Onze marketingslogan "Oost-Vlaanderen, waar kennis werkt" geldt dus onverminderd, ook in tijden van crisis. We zien dit bijvoorbeeld aan het aantal aanvragen voor de provinciale innovatiesteun. In 2007 ontvingen 14 bedrijven in totaal 28.000 euro aan steun. In 2008 en 2009 vroegen telkens 20 bedrijven steun aan voor een totaal bedrag van respectievelijk 40.000 en 50.000 euro. Misschien lijken dit bescheiden bedragen maar voor de betrokken bedrijven zijn dit telkens prikkels om innovatieve processen te lanceren. En innovatie blijft een sleutel voor economische groei. Zo schuift het voorstel van het programma "Europa 2020", de opvolger van de Lissabon-strategie, "slimme groei – voor een economie op basis van kennis en innovatie", als een van de drie prioriteiten naar voren. Via de subsidiëring van innovatie-initiatieven ondersteunt de provincie KMO's die geconfronteerd worden met technologische problemen. De subsidie die de provincie daarnaast toekent voor het verduurzamen van het parkmanagement van bedrijventerreinen kadert eveneens in de optie om in te zetten op innovatie, kenniseconomie, logistiek en mobiliteit.

Bovendien voorziet de provincie een budget van meer dan 300.000 EUR voor het toekennen van premies aan Oost-Vlaamse bedrijven die een lening hebben aangegaan om hun expansie te bevorderen. In 2009 werd het reglement aangepast om in te spelen op specifieke noden die zich tijdens de economische crisis voordoen. Het provinciebestuur besliste starters én overnemers die zich voor de eerste maal als zelfstandige vestigen in hoofdberoep extra financieel te stimuleren bij de inrichting van hun zaak en bij de aankoop van beroepsmaterieel. Die bijzondere aandacht voor starters is nodig want uit recent cijfermateriaal van Unizo blijkt dat hoewel wij na Antwerpen de meest ondernemende provincie blijven, het aantal starters in Oost-Vlaanderen sterker daalt dan in andere provincies. Via de expansiepremie maar ook via andere acties proberen we die trend om te keren. Ook de sterk groeiende ondernemingen krijgen een grotere focus. Het provinciebestuur brengt de sociaal-economische actoren samen ter stimulering van het ondernemersklimaat. De samenwerking tussen ondernemers, de professionele organisaties en de onderzoeks- en kenniscentra wordt aangemoedigd om te komen tot meer professionalisme, internationale groei en de ontwikkeling van innovatieve speerpunten.

Daarnaast steunt het provinciebestuur de eigen exportgerichte ondernemingen in hun internationale werking. De provincie heeft een speciale band opgebouwd met de belangrijke groeilanden China en Vietnam. Onze bedrijven krijgen er actieve begeleiding via een permanent bureau dat instaat voor dagelijkse ondersteuning. De provincie is als streekbestuur uitstekend geplaatst om een voortrekkersrol te spelen in het creëren van

> Terug

Disclaimer

Top

© 2008 - webdesign by Nicolas Moerman